|
30 september 2004
NOTA MOBILITEIT: VERKEERS- EN VERVOERSBELEID TOT 2020
Het kabinet trekt 80 miljard euro uit voor het verkeers-
en vervoersbeleid in de periode 2010-2020. Hoofddoel
is een acceptabele en voorspelbare reistijd op weg, water
en spoor. Beprijzing van autogebruik is onvermijdelijk.
Dat blijkt uit de Nota Mobiliteit die minister Peijs (Verkeer
en Waterstaat) heeft gepresenteerd. De nota is een uitwerking
van de Nota Ruimte voor het beleidsterrein verkeer en vervoer.
Net als in de Nota Ruimte staat ook in de Nota Mobiliteit
het versterken van de economische structuur centraal. De
verbetering van de bereikbaarheid van de mainports Schiphol
en de Rotterdamse haven is daarom topprioriteit. Van de
hoofdwegen krijgen de A2, A4 en A12 hoge prioriteit.
Weg
In 2020 moet op alle huidige knelpunten sneller worden gereden.
De automobilist mag in de spits op de snelwegen maximaal
45 minuten doen over een stuk van 50 kilometer. Dat is anderhalf
keer de normale reistijd.
Voor de stedelijke ringwegen geldt de doelstelling dat de
reistijd in de spits niet meer dan twee keer zo lang is
als buiten de spits.
Om de knelpunten in het wegennet aan te pakken, wordt na
2010 eerst groot onderhoud gepleegd. Hiervoor is 10 miljard
euro beschikbaar. Daarnaast worden voor 19 miljard euro
nieuwe en al geplande projecten uitgevoerd. In totaal komt
er 1000 tot 1200 kilometer nieuw asfalt bij.
Beprijzing
Volgens de nota is beprijzing van autogebruik in plaats
van autobezit onvermijdelijk. De minister meent dat beprijzing
van het autogebruik echter alleen kan worden ingevoerd als
hiervoor een breed maatschappelijk draagvlak is.
Het kabinet heeft voormalig ANWB-directeur Nouwen gevraagd
als voorzitter van een platform dat de mogelijkheden voor
beprijzing gaat onderzoeken. Het platform komt voorjaar
2005 met zijn conclusies.
Spoor
De doelstelling van acceptabele en voorspelbare reistijden
geldt ook voor het spoor. Als norm wordt gesteld dat 90%
van de treinen op tijd moet rijden.
Om deze doelstelling waar te maken, trekt het kabinet 13,4
miljard euro uit voor onderhoud en de vervanging van verouderd
spoor. Daarnaast houdt het kabinet vast aan de plannen voor
nieuwe projecten als de Hanzelijn, de Zuiderzeelijn en de
Rijn-Gouwelijn.
Water
Gezien de verwachte groei van het goederenvervoer over het
water, trekt het kabinet in de periode na 2010 10,4 miljard
euro uit voor de instandhouding en de verbetering van de
vaarwegen. Een van doelstellingen is om de maximale wachttijd
bij sluizen en bruggen terug te brengen tot een half uur.
Afstemming
In lijn met de Nota Ruimte geldt ook voor het mobiliteitsbeleid
dat het kabinet meer ruimte voor eigen oplossingen wil laten
aan provincies en gemeenten: 'decentraal wat kan, centraal
wat moet'.
Het idee achter de visie is dat verkeersproblemen overal
anders zijn. In de Randstad staan de files in de spits en
in Zeeland vooral bij mooi strandweer. Tot 2020 investeert
het rijk 20 miljard in regionale en lokale plannen. De plannen
moeten dan wel voldoen aan bepaalde kwaliteitseisen en aansluiten
bij landelijke belangen.
Verkeersveiligheid
Het kabinet wil dat het verkeer twee keer zo veilig wordt
als nu. Het aantal verkeersslachtoffers moet terug van 1.088
in 2003 naar 640 in 2020. Het budget voor verkeersveiligheid
wordt verdubbeld naar 80 miljoen euro per jaar.
Bron: Persbericht ministerie van Verkeer en Waterstaat
|