|
23 december 2004
Meer ruimte voor gemeente en provincie bij bodemsanering
Het kabinet geeft gemeenten en provincies meer
bevoegdheden bij de aanpak van bodemsaneringen. De verwachting
is dat de sanering van vervuilde bodems hierdoor sneller
kan verlopen.
Op voorstel van staatssecretaris Van Geel (VROM) heeft
de ministerraad ingestemd met drie maatregelen die de aanpak
van bodemsaneringen moeten versnellen:
- De rijksbijdragen aan bodemsaneringen worden voortaan
in periodes van vijf jaar uitgekeerd, op basis van meerjarenplannen
van gemeenten en provincies. Zij kunnen zo een betere
financiële planning maken en betere afspraken maken
met derden. Ook mogen provincies en gemeenten in de toekomst
subsidies verstrekken aan bedrijven die de bodem saneren.
- De verplichte adviezen van het Service Centrum Grond
(SCG) over de verwerking van de vervuilde grond, komen
te vervallen. Het oordeel over de reinigbaarheid van de
grond moet in de toekomst voor de sanering bij de bevoegde
gemeente of provincie worden aangeleverd.
- De zogenoemde BSB-stichtingen (BodemSanering in gebruik
zijnde Bedrijfsterreinen) worden in de toekomst regionaal
aangestuurd. De BSB-stichtingen begeleiden bedrijven die
vrijwillig een bodemonderzoek doen, zonder dat de gemeente
of provincie hiervoor een aanwijzing heeft gegeven. Ook
krijgen gemeenten en provincies de mogelijkheid om zelf
BSB-ondersteuning aan te bieden.
Ook heeft het kabinet besloten dat de gemeente Zwolle wordt
toegevoegd aan de lijst met 28 gemeenten die in de zin van
de Wet Bodembescherming mogen optreden als bevoegd gezag
bij BSB-operaties. In alle andere gevallen is dat de provincie.
bron: ministerie VROM
meer info: bodem
|