|
28 juni 2005
Conditiemeting als nieuw instrument voor onderhoudsbeheersing
Door Han van der Linden
Op 16 juni 2005 hebben de NVDO en het Nederlands Normalisatie
Instituut het Symposium “Normontwerp NEN 2767:
Conditiemeting van bouw- en installatiedelen”
georganiseerd. Doel van het symposium was om de nieuwe en
langverwachte conceptnorm onder de aandacht te brengen van
belanghebbenden en vakgenoten. Vanuit het vakgebied is er
heel veel belangstelling voor de inhoud van deze nieuwe
norm die opgesteld is door een “zware” commissie
van vijftien leden onder voorzitterschap van ir.
Pablo van der Laan, manager centraal bedrijfsbureau
Ymere te Amsterdam. Er wordt veel van de norm verwacht.
De norm is nog niet definitief vastgesteld. Met het symposium
werd het startschot gegeven voor een nadere bespreking door
alle belanghebbenden. Zij kunnen tot 30 september 2005 hun
reacties aanleveren bij het Nederlands Normalisatie Instituut.
Hier zal men alle ontvangen reacties verwerken en het normontwerp
definitief maken. Naar verwachting zal de definitieve norm
voorjaar 2006 beschikbaar zijn.
Er waren op de dag van het symposium meer dan tweehonderd
conditiemeters naar de Aula van de Technische Universiteit
Delft gekomen om zich te laten voorlichten over
de stand van zaken. De verwachtingen waren hooggespannen,
en het moet gezegd worden dat deze verwachtingen uitstekend
ingelost werden door de kwaliteit van het programma, de
kwaliteit van de locatie, en de kwaliteit van het publiek.
Een groepsgesprek met zoveel deelnemers is overduidelijk
argument voor het belang van het onderwerp.
Wat is conditiemeting?
Conditiemeting is een persoonsonafhankelijke registratie
van de technische kwaliteit. Deze nieuwe norm maakt het
mogelijk de onderhoudsbehoefte van bouw- en installatiedelen
objectief meetbaar te maken. In het verleden constateerden
gebouwbeheerders dat voor hetzelfde gebouw soms zeer uiteenlopende
onderhoudsmaatregelen werden aanbevolen. De diverse beoordelingen
leverden geen uniform en objectief beeld op van de conditie
van een gebouw, of de daarin aanwezige werktuigbouwkundige
of elektrotechnische installaties. De gevolgen zijn gemakkelijk
te raden. In deze gevallen was er sprake van geen, verkeerd
of te duur onderhoud. Daar moet de nieuwe norm verandering
in aanbrengen. Het gebruik van het normontwerp betekent
concreet dat het normontwerp:
- Uniformiteit schept in de conditiescores per bouw-
en installatiedeel door een getalswaarde die de degradatie
uitdrukt. Deze getalswaarde is een combinatie van belang,
omvang en intensiteit van een gebrek.
- Inzicht en eenheid brengt in de gebrekkenkenmerken,
ernst, omvang en intensiteit.
- Op gebrekenniveau inzicht geeft en input is voor een
prioriteitsstelling: een rangorde van noodzaak van herstel
van de aangetroffen gebreken.
- Een toetsingsmiddel en een sturingsmechanisme is voor
het functioneren van de organisatieonderdelen die gericht
zijn op beheer en onderhoud.
Het belang van de nieuwe norm
Met het “Normontwerp NEN 2767: Conditiemeting van
bouw- en installatiedelen” is er voor het onderhoud
en beheer van gebouwen een belangrijk en nieuw instrument
ontwikkeld, waarmee op een uniforme en objectieve manier
over de staat van een bedrijfsmiddel gesproken kan worden.
Gebouwen zijn immers ook middelen waarmee organisaties hun
doelstellingen trachten te realiseren. Deze nieuwe norm
over conditiemeting maakt het mogelijk dat de onderhoudsmanager
zijn management duidelijk kan informeren over de staat van
de bedrijfsmiddelen, en over de maatregelen die genomen
moeten worden om het gebouw in de gewenste conditie te houden.
Techneuten worden eindelijk begrepen door managers.
Dit is het grootste voordeel van conditiemeting. In zekere
zin heeft de bouwkundige onderhoudsdiscipline hiermee in
één klap een flinke voorsprong op andere technische
onderhoudsdisciplines. Daar is er nog geen sprake van eenduidige
interpretatie van het conditieverloop van bedrijfsmiddelen.
Dat is misschien een andere reden voor het grote belang
dat velen aan conditiemeting hechten.
meer info: NEN
|